Plek in hospice gaf kunstenaar de gelegenheidom het leven los te laten
'Nu kon Frans rustig op "ziels-vakantie" gaan'

‘Dagelijks moet je voor ogen houden dat je gelijkmoedig uit het leven kunt stappen dat velen zo amechtig omhelzen.’ Die uitspraak van de door hem zeer bewonderde filosoof Seneca heeft de Rotterdamse kunstenaar Frans Jan Peters ter harte genomen. Katrien de Zeeuw vertelt vol bewondering over de laatste weken van het leven van haar ex-man. ‘Dat we bij hospice IJsselOever gehoor kregen voor onze vraag, heeft Frans de mogelijkheid gegeven in alle rust het leven los te laten.’

Frans Jan Peters (73) was een geboren kunstenaar, zegt Katrien de Zeeuw (71). Dertig jaar was ze met hem getrouwd, twintig ervan woonde ze met hem samen. Ze hebben twee zoons. ‘Hij speelde fanatiek piano, zonder een noot te kunnen lezen. Hij deed mee aan de opera, zong prachtig en kon zó als cabaretier op het podium. Hij legde makkelijk contact en genoot van het leven, stond altijd in het middelpunt van de belangstelling.’


Eenzijdig verlamd > In 2010 werd Frans getroffen door zijn eerste hersenbloeding. Er zouden er nog drie volgen. Na de laatste, in 2017, was hij eenzijdig verlamd. ‘Toen hij vervolgens ook nog gordelroos kreeg, werd het ondragelijk voor hem. De zenuwpijn die gordelroos veroorzaakt, kan heel lang aanhouden’, vertelt Katrien.

Frans kon niet meer voor zichzelf zorgen en kwam in een verpleegtehuis terecht. ‘Vreselijk vond hij het daar. Hij wilde de laatste weken van zijn leven heel graag met mij doorbrengen. We waren weliswaar al jaren gescheiden, maar hij is altijd de man van mijn hart geweest. En ik denk dat hij veel behoefte had aan onze gezinswarmte.’ In het verpleeghuis was echter geen plek voor Katrien. Dus besloten ze op zoek te gaan naar een hospice waar ze wel veel samen konden zijn.

Het onderwerp euthanasie was in de jaren ervoor al meerdere malen ter sprake gekomen. ‘Voor Frans stond vast dat hij euthanasie wilde als hij niet meer zou kunnen praten. Hij was een spraakwaterval, had het nodig zich te kunnen uitdrukken.’

De verpleeghuisarts, vertelt Katrien, was Frans weliswaar zeer ter wille, maar zij wilde geen actieve rol in de euthanasie. Ze bracht Frans in contact met de Levenseindekliniek en de arts van de Levenseindekliniek legde uiteindelijk het contact met hospice IJsselOever in Capelle aan den IJssel.


Sterk lijf > Net als vele andere hospices staat IJsselOever open voor mensen met een euthanasiewens in de terminale fase. Onder ‘terminale fase’ wordt verstaan dat de verwachting is dat de betrokkene niet langer dan drie maanden te leven heeft. Die beperking heeft ermee te maken dat het aantal bedden in hospices schaars is.

De euthanasievraag van Frans was anders dan gebruikelijk. Hij gaf weliswaar aan dat zijn lichaam en geest op waren, maar: ‘Frans had een sterk lijf. Hij had vermoedelijk nog wel jaren kunnen leven. Alleen, dat wilde hij absoluut niet’, legt Katrien uit.

Voor hospice IJsselOever vormen de eigen regie van de patiënt en het zoeken naar mogelijkheden in plaats van kijken naar onmogelijkheden, een belangrijk uitgangspunt. Daarom werd in goed overleg met de huisarts, wijkverpleging en vrijwilligers besloten Frans toch op te nemen. ‘Daar waren we zo blij mee’, vertelt Katrien, ‘want we hadden al bij meerdere plekken op de deur geklopt.

Het was om radeloos van te worden en Frans was heel strijdbaar. Hij vond dat het euthanasiebeleid bij hospices moest veranderen en dat ze ook moesten openstaan voor verzoeken als dat van hem.’

IJsselOever stelde wel een paar voorwaarden aan Frans’ komst: als hij terug zou komen op zijn euthanasiewens, zou hij naar huis moeten kunnen terugkeren. ‘Ik wist zeker dat hij door zou gaan met het plan, en maar goed ook, want ik woon in een huisje van 43 m2’, verzucht Katrien lachend. Om er gelijk aan toe te voegen: ‘Maar als het toch anders was gelopen, hadden we daar ook wel weer iets op verzonnen.’

Andere voorwaarde was dat het gehele proces met de Levenseindekliniek moest zijn doorlopen, tot en met het advies van de SCEN-arts. Die had inmiddels positief geoordeeld over zijn euthanasieverzoek.


Vreselijk moeilijk > Hoe overtuigd Frans ook was van zijn euthanasiewens, bepalen wanneer het écht genoeg was, vond hij zwaar en ingewikkeld. ‘Het is toch vreselijk moeilijk ervoor te kiezen om op te houden met leven?! Als hij achteruitging, vond hij toch telkens weer een manier om zich te uiten. Na zijn derde beroerte zag hij bijna niets meer, maar toch ging hij foto’s maken. Dat deed hij op gevoel, zoals zoveel bij hem.’

Na een epileptische aanval en de gordelroos wist Frans het op enig moment zeker. ‘Met zijn spraak was overigens nog steeds niets mis, maar we voelden dat er geen hoop meer was. Opmerkelijk genoeg had ik dat gevoel op precies hetzelfde moment ook heel sterk. Geen hoop op herstel, en de overtuiging dat dit geen leven was.’


Twee bewoners erbij > De arts van de Levenseindekliniek gaf Frans op 15 januari euthanasie. Katrien en hun zonen Jeroen en Ernstjan waren erbij. Ze kijken er met respect voor alle zorgvuldigheid op terug. ‘Frans was een bijzondere man. Dat vonden ze ook in het hospice’, vertelt Katrien trots.

Een week voor de euthanasie kwam de coördinator van het hospice Frans bedanken. De maanden dat hij er had gewoond, waren voor iedereen speciaal geweest, vertelde ze, ook omdat ze in plaats van één eigenlijk twee bewoners op de kamer hadden gekregen. Ze zei dat het een mooi proces voor iedereen was geweest, niet alleen voor Frans en Katrien, maar ook voor de vrijwilligers en de zorg. En dat iedereen onderdeel van het op handen zijnde afscheid was geweest, mede door de open wijze waarop Frans in het leven en dus ook het levenseinde stond.

‘De coördinator beloofde dat ze zich er in de toekomst hard voor zouden maken om mensen in een soortgelijke situatie als die van Frans, een plek te geven om goed afscheid te kunnen nemen van het leven. Dat was een prachtige uitspraak voor hem. Nu kon hij rustig gaan. Op zielsvakantie, zoals hij dat zelf zo mooi noemde.’ •


Tekst: Martien Versteegh • Fotografie: Josje Deekens