Afscheid nemen in tijden van corona

Maximaal dertig mensen, anderhalve meter afstand houden, dus geen troostende knuffels, überhaupt geen condoleance; afscheid nemen van een dierbare was door COVID-19 ineens een heel andere gebeurtenis.

Mensen in de uit­vaartbranche, zoals Immanuel Baan en Heidi van Haastert, merkten dat uiteraard in hun werk. En Sonja Bijmans ondervond het aan den lijve omdat haar vader, Gerard, overleed aan de gevolgen van covid-19. Op 8 maart, de dag dat de familie zijn verjaardag vierde, was het devies al: geen handen geven en afstand houden en daar hield de familie zich netjes aan. De dag erna, op zijn verjaardag zelf, werd Gerard ziek. Het was allemaal nog erg nieuw, dus hoewel hij koorts had en moest hoesten, dacht de huisarts niet meteen aan corona. Maar Gerard ging hard achteruit en de familie werd geconfronteerd met hoezeer alles in de wereld in heel korte tijd was veranderd. Sonja: ‘Hij werd opgehaald door ambulance­personeel dat helemaal ingepakt was. Mijn moeder en de hele familie werd vervolgens verteld vooral thuis te blijven, omdat we allemaal kampten met meer of mindere ziekte­verschijnselen. Alles was nieuw, het was ook zoeken voor het ziekenhuispersoneel. Toen we uiteindelijk op familiegesprek kwamen, zei een van hen dat we niet echt een betrokken familie leken, omdat we niet één keer langs waren geweest. Dat was een klap in ons gezicht. We zijn juist ontzettend hecht en het was afschuwelijk geweest alleen telefonisch contact te mogen hebben met mijn vader. Ook met mijn moeder, die ineens alleen thuiszat, hadden we uitsluitend contact door het raam. Zij was namelijk ook echt ziek en wij waren verkouden. Het was onmenselijk, maar we hielden ons aan de regels. We waren heel bang anderen te besmetten.’ In eigen cocon > Toen Sonja en haar familie uiteindelijk bij haar vader op bezoek mochten, was hij al in slaap gebracht en wisten ze dat hij het niet zou overleven, hoewel Sonja tot op het allerlaatste moment hoop hield. ‘Een paar jaar geleden was ik veel banger dat hij zou overlijden. Er was toen van alles met hem aan de hand. Maar nu dacht ik de hele tijd: hij gaat toch niet dood aan een griepje. Dat dacht hij zelf ook, het waren zelfs de laatste woorden die hij mij appte.’ Voor Sonja is het de eerste dierbare van wie zij afscheid neemt, dus ze kan niet echt vergelijken. Toch heeft ze sterk het gevoel dat ze in het rouwproces iets heeft gemist. ‘In de periode na zijn overlijden en tot de uitvaart regel je normaal gesproken alles samen.

Nu zaten we allemaal in onze eigen cocon met ons verdriet en deden we alles via Skype en FaceTime.’ Zo ook het overleg over welke mensen een uitnodiging zouden krijgen, want los van de directe familie – Sonja heeft twee broers en alle drie hebben ze een gezin – was er nog maar weinig plek. Dat laatste ging overigens verrassend goed. ‘Een aantal broers en zussen van mijn vader durfden niet te komen, uit angst voor corona. Daar hadden we alle begrip voor. Zij werden natuurlijk gemist, maar los daarvan gebiedt de eerlijkheid te zeggen dat zo’n intiem afscheid wel iets had. Mijn vader kende ontzettend veel mensen. In normale tijden zouden er allerlei mensen aanwezig zijn geweest die ik niet of nauwelijks had gekend, nu waren er alleen maar dierbaren.’ Geen arm om elkaar heen > Uitvaartbegeleider Immanuel Baan herkent dat. Hij had een klant die aangaf dat ze het vreselijk gevonden zou hebben als ze allemaal handjes had moeten schudden van mensen die ze nauwelijks kende. ‘Maar het zorgde ook voor pijnlijke keuzes,’ zegt Immanuel. ‘Ik heb gelukkig niet meegemaakt dat er gedoe over kwam, maar ik zag de worsteling wel.’ De grootste worsteling had vermoedelijk te maken met het afstand moeten houden. Immanuel: ‘Bij de eerste uitvaart in coronatijd mochten er nog honderd mensen komen. Ik ging het gesprek aan met mijn opdrachtgevers: hoe strikt wil je dat ik ga handhaven? We adviseerden mensen hun medeleven te tonen door hun hand op het hart te leggen of met een hoofdknik en de handen tegen elkaar. Daar hielden de meeste zich aan, maar sommige ook niet. We hadden afgesproken dat mensen zouden doen wat ze zelf wilden. Dat verliep goed.’ Heidi van Haastert van de brancheorganisatie van uitvaartondernemers bgnu was daar strenger in: ‘Wij moesten erop toezien dat mensen geen arm om elkaar heen sloegen. Onder ons toeziend oog wilden we dat niet. Wat mensen thuis doen, gaat ons natuurlijk niet aan. Maar tijdens de plechtigheid zijn wij verantwoordelijk.’

Ontroerend > Hoezeer Sonja alle regels ook accepteerde en volgde, op de dag van het overlijden en de dag van het afscheid lukte dat simpelweg niet. ‘Als je je moeder zo intens verdrietig ziet, sla je natuurlijk een arm om haar heen.

Op verschillende momenten stond ik met mijn gezin, mijn broers met hun gezinnen en mijn moeder stond alleen. Dat kon natuurlijk niet. Dat was onmenselijk. Na de uitvaart besloten we met z’n allen naar het huis van mijn moeder te gaan. Daar hoefden we niet over te overleggen, dat ging vanzelf. Even geen afstand. Het was heel fijn daar echt samen te zijn. We keken terug op een prachtig afscheid, want de plechtigheid zelf had niet mooier kunnen zijn. Er hebben veel mensen meegekeken naar de livestream en door heel Wijchen stonden mensen langs de route met ballonnen en fakkels om afscheid te nemen. Het was een eindeloos lange erehaag voor mijn vader. De politie had wel van vijf mensen telefoontjes gekregen met de vraag wat er mogelijk was, omdat mensen zo graag iets wilden doen. Dat was ontroerend.’ Veel creativiteit > Juist in dit soort situaties komt de creativiteit van mensen naar boven en dat levert mooie herinneringen op. Maar die compenseren niet het gemis van aanrakingen. De dag na de uitvaart overheersten de regels alweer bij de familie Bijmans en hielden ze opnieuw afstand. Sonja vindt het afschuwelijk dat ze nog steeds niet kan knuffelen met haar familie en vriendinnen. Heidi van Haastert van de branchevereniging bgnu vertelt dat corona het ook onmogelijk maakt het lichaam van de overledene samen met de familie te verzorgen. ‘Niet omdat dat lichaam nog besmettelijk zou zijn, we wisten al snel dat daar geen sprake van was, maar omdat je dan niet genoeg afstand van elkaar kunt houden. Dat wordt door sommige mensen echt als een gemis ervaren. We kregen veel telefoontjes van leden in de beginperiode. En niet zozeer over hoe ze de uitvaart moesten aanpakken; er zit veel creativiteit in onze sector. Maar mensen wilden weten hoe besmettelijk het nou eigenlijk was. We komen tijdens ons werk natuurlijk met veel mensen in aanraking en er heerste angst.’ Hoewel Sonja in eerste instantie zegt niet meer bang te zijn voor corona zelf, begint ze daar in de loop van het gesprek aan te twijfelen. ‘Misschien ben ik onbewust banger dan ik denk. Soms denk ik dat mensen in een boog om ons heen zullen lopen, bang om besmet te raken.’

Tekst: Martien Versteegh • Foto's: ANP