Discussie over voltooid leven stopt niet na publicatie rapport, integendeel

‘Wij gaan voor levenskwaliteit

De verschijning van het PERSPECTIEF-rapport van Els van Wijngaarden begin dit jaar heeft geen einde aan de discussie over voltooid leven gemaakt. Integendeel, voor veel ouderen voelt het open gesprek over het onderwerp als een opluchting. ‘Dat betekent niet dat zij nu allemaal dood willen, verre van dat, maar wel dat zij de regie over hun eigen leven willen houden’, zegt een van hen, de 82-jarige Bert van Maaren.

Het onderwerp voltooid leven en eigen regie houdt Frans en Greet (78 en 80) al langere tijd bezig. Als de omstandigheden voor een van hen uitzichtloos worden, willen ze namelijk samen afscheid nemen van het leven. Het echtpaar las niet alleen het perspectief-rapport, maar verdiepte zich eerder ook in het proefschrift van Els van Wijngaarden voor de Universiteit voor Humanistiek. Frans en Greet, inmiddels 55 jaar getrouwd, hebben informatie verzameld over zelfdoding en maken geen geheim van hun wens om samen te sterven. ‘We hebben er met onze kinderen en familie over gesproken. We zijn in de familiekring niet de enigen die er zo over denken. Ook met goede kennissen praten we erover. Daar komen we wel onbegrip tegen van mensen die gelovig zijn’, zegt Greet. Het heeft Frans en Greet verbaasd dat over de invloed van religie op iemands levenseindewensen (en dan vooral de afwijzing van eigen regie) in de hele discussie zo weinig wordt gerept. Frans: ‘Naar mijn gevoel is religie een sterke, zo niet doorslaggevende factor in het bewustzijn van de mens als het gaat om zijn doodswens. Opvallend vind ik het dat in de commentaren op het rapport religie behoorlijk onderbelicht is gebleven, mogelijk om christenen en moslims niet te provoceren.’ Volgens Frans, die zichzelf ondanks een gelovige opvoeding als vrij van religie beschouwt, zou het eerlijker zijn geweest om de vermoedelijk belangrijkste groep ‘afwijzenden’ van een vrijwillig levenseinde – mensen met een religieuze overtuiging – duidelijk te benoemen.

Niet levensmoe > Voor het echtpaar heeft de huidige coronacrisis het gesprek over het levenseinde nog meer op scherp gezet. ‘We hebben onze kinderen ervan op de hoogte gesteld dat we niet op de IC-afdeling terecht willen komen. We hebben twee keer van nabij gezien wat er met je gebeurt als je na een reanimatie weer “leeft”. Op onze leeftijd kom je als een wrak in een verpleegtehuis terecht en dat willen we niet. We zijn absoluut niet levensmoe, maar vinden wel dat je moet nadenken over je leven.

Wij gaan voor levenskwaliteit en we vinden dat we het recht hebben om zelf over onze dood te beslissen’, benadrukt Greet. Frans zegt het op zijn manier: ‘Wij willen het toeval van een fijn leven niet afsluiten met het toeval van een slechte dood. Een belangrijke overweging is dat wij ook zonder acute stervensbedreiging de mogelijkheid willen hebben om samen ons leven te beëindigen.’

Vrijgave laatstewilpil > De middelen daarvoor hebben ze nog niet in huis. Ze zijn wel van plan die aan te schaffen, maar willen dat op een zorgvuldige en veilige manier doen. Frans pleit sterk voor de vrijgave van een laatstewilpil. Zijn gedachten daarover heeft hij voor zichzelf op schrift gesteld als een oproep aan de overheid. Die moet ingrijpen voordat ‘we de controle kwijtraken’, vindt hij. ‘We zijn met de ontwikkelingen op het gebied van het levenseinde in een gevaarlijk stadium beland. De euthanasiewetgeving is niet meer toereikend als je kijkt naar de jongste pogingen om middelen voor zelfdoding legaal te verkrijgen of te verhandelen. Er is blijkbaar een groeiende groep mensen die het heft in eigen hand wil nemen.’ Frans vindt dat hen dat recht niet onthouden mag worden en hij heeft daar ook concrete ideeën over. ‘Wat ik mij voorstel is een geregistreerd contract tussen een individu en de overheid, dat de levering van een dodelijk middel door een overheidsinstantie garandeert. Daarmee zou het gevaar van oneigenlijk en impulsief gebruik verregaand kunnen worden ingedamd. Ik denk dat de opoffering van een beetje privacy die daarvoor nodig is, een drempel zal vormen voor al te gretige opname in zo’n register.’

Opluchting > Voor fysiotherapeut-acupuncturist in ruste Bert van Maaren (82) uit Weert is het PERSPECTIEF-rapport reden om, na een ingezonden brief aan dagblad Trouw, zijn verhaal te blíjven doen.

Op een enkele negatieve respons na – van de ChristenUnie – kreeg hij tientallen positieve reacties, waaruit hij opmaakte dat hij het gevoel van veel mensen had vertolkt. ‘Ook na een voordracht bij de Vrijmetselarij bleek dat mensen het een opluchting vinden eindelijk eens vrij over dit onderwerp te kunnen spreken.’ Van Maaren pleit voor een omslag in denken. ‘Het wordt hoog tijd dat we eindelijk eens afstappen van de christelijke erfenis met de daaraan gekoppelde angsten die mensen eeuwenlang hebben achtervolgd’, vindt hij. Toch vreest hij dat die alleen zal zijn weggelegd voor een beperkte groep mensen. ‘Zolang men in de Biblebelt zelfs nu nog durft te verkondigen dat het coronavirus een straf van God is, vrees ik dat dat alleen mogelijk is bij de mensen die van dergelijke opvattingen afstand hebben genomen.’ En dat zal niet eenvoudig zijn, schat hij in. ‘Zie dat maar eens voor elkaar te krijgen! Maar dan zouden zij op zijn minst moeten kunnen respecteren dat er mensen zijn met een doodswens, zonder ze dwars te zitten.’ Zelf trekt Van Maaren zich daar overigens weinig van aan. ‘De jaren hebben mij geleerd geen boodschap meer te hebben aan wat anderen ervan vinden. Ik ben er redelijk in geslaagd om het onderwerp leven en doodgaan uitsluitend op mijzelf en mijn echtgenote te betrekken.’ Hij stelt zich het zo voor dat er op een bepaalde leeftijd als het ware een knop in je hoofd wordt omgedraaid. ‘Met opeenvolgende lichamelijke manco’s worden signalen afgegeven dat je bestaan blijkbaar langzamerhand “voltooid” is. Is het dan niet reëel om je te realiseren dat jouw voortbestaan geen persoonlijke verdienste meer is, maar uitsluitend in stand wordt gehouden door de vergevorderde medische technieken en medicatie? Veel van mijn leeftijdgenoten denken daar hetzelfde over. Ook zij beschouwen hun leven als voltooid. Dat betekent niet dat zij nu allemaal dood willen, verre van dat! Maar wel dat zij de regie over hun eigen leven willen houden.’

HET PERSPECTIEF-ONDERZOEK

Het onderzoek van dr. Els van Wijngaarden heet officieel: Perspectieven op de doodswens van ouderen die niet ernstig ziek zijn: de mensen en de cijfers. Het werd begin dit jaar gepresenteerd.

Uit het onderzoek blijkt dat 0,18 procent van de 55-plussers een wens tot levensbeëindiging heeft zonder ernstig ziek te zijn. Ruim een derde van deze groep zou graag hulp bij zelfdoding krijgen, twee derde beëindigt zijn leven liever zelf. De onderzoekers adviseren beleidsmakers onder

meer om op zoek te gaan naar manieren om de leefsituatie van ouderen te verbeteren, maar ook om hun doodswens serieus te nemen. Verder constateren zij dat er veel behoefte is aan een zelfdodingsmiddel, al roept dit tegelijkertijd ook nieuwe, persoonlijke dilemma’s op.

Tekst Wim Huijser • Illustratie Rhonald Blommestijn