VVD-Kamerlid Ockje Tellegen werkte hard aan regeling voor euthanasie kinderen

‘Levens­einde moet hoog op agenda blijven’

‘Levenseinde moet hoog op agenda blijven’

Hoe verschillend hun stand­punten ook waren, de partijen in het demissionaire kabinet-Rutte III hebben ‘elkaar heel gelaten’. Dat vindt VVD-Kamerlid Ockje Tellegen, nummer 10 op de kandidatenlijst voor de verkiezingen. Zij heeft onder meer de vraagstukken rond het (zelfgekozen) levenseinde in haar portefeuille. ‘Gaat het snel genoeg? Niet altijd. Maar zorgvuldigheid gaat boven snelheid. Bovendien: er zijn wél stappen gezet.’

Welke stappen? ‘Heel belangrijk vind ik het punt van de actieve levensbeëindiging bij kinderen tussen de 1 en 12 jaar. Voor pasgeborenen tussen 0 en 1 en voor kinderen vanaf 12 jaar is die mogelijkheid er wel, maar voor deze groep niet. Die leemte in de wet heb ik altijd zeer onrechtvaardig en onacceptabel gevonden. Ik ben al jaren, samen met kinderartsen, bezig om dat te veranderen. Wat de medisch-ethische kwesties betreft zat er een bijzondere combinatie van partijen in dit kabinet. Vanuit hun geloofsovertuigingen hadden cda en ChristenUnie veel vraagtekens bij dit punt, maar we hebben hen uiteindelijk kunnen overtuigen. Dat dat is gelukt, komt omdat we elkaar héél hebben gelaten, omdat we begrip en respect voor elkaars standpunten hadden. De minister heeft nu van de Tweede Kamer de opdracht gekregen een regeling te ontwerpen. Dat is een heel bijzondere stap in de goede richting.’ Hoe kijkt u terug op de rechtszaken rond euthanasie (en dementie) van de afgelopen tijd? ‘Ik heb dat heel moeilijk gevonden. Vooral de zaak rond de verpleeghuisarts vond ik vreselijk. Zij heeft naar eer en geweten en overeenkomstig de wet euthanasie toegepast bij een wilsonbekwame vrouw met vergevorderde dementie. Naar aanleiding van deze casus ontstond er discussie over de schriftelijke wilsverklaring en eindigde deze arts vier jaar in de beklaagdenbank. Dat er meer juridische duiding moest komen, is één ding. Maar dat had niet over de rug van een arts mogen gebeuren. Ik heb de minister gevraagd of die zekerheid in de toekomst via andere beroepsmogelijkheden kan worden verkregen.’ Wat is het gevolg geweest voor de euthanasie­praktijk? ‘Ik denk dat de zaak bij veel artsen tot terughoudendheid heeft geleid. Ook bij patiënten heeft het meer onzekerheid gegeven over wat nu wel en niet kan en mag. We moeten de uitspraak van de Hoge Raad koesteren, die geeft duidelijkheid. Maar het is belangrijk dat die helderheid en houvast er ook in de praktijk is. Daarvoor is er werk aan de winkel, ook voor de Tweede Kamer.’ Hoe gaat u dat doen? ‘Ik ben daar al een tijdje mee bezig. De hoofd­opdracht is dat arts en patiënt eerder met elkaar in gesprek gaan over het levenseinde. En dan gaat het niet alleen om euthanasie, maar om alle wensen in de laatste levensfase. Ik ben bezig met een reeks voorstellen om dat gesprek te stimuleren en te vergemakkelijken, ervoor te zorgen dat het een standaard onderdeel van de arts-patiëntrelatie wordt.’

Hoe staat u tegenover het initiatiefwetsvoorstel Voltooid Leven van D66? ‘In ons verkiezingsprogramma hebben we opgenomen dat iedereen de mogelijkheid moet hebben om zelf te kiezen voor een waardig levenseinde, mits dat volgens zorgvuldige procedures en eisen gebeurt. In reactie op het burgerinitiatief Uit Vrije Wil tien jaar geleden, dacht ik: we moeten deze handschoen oppakken. Het greep me aan dat er zoveel mensen in Nederland zijn met de behoefte om zelf hun leven te kunnen beëindigen wanneer ze dat voltooid achten (er werden ruim 116.000 handtekeningen opgehaald, red.). Dus ik wilde weten: wat is precies het probleem? En hoe kunnen we dat oplossen? Dat is de commissie-Schnabel gaan uitzoeken. Wat mensen willen, is duidelijk: meer zelfregie in de laatste levensfase, het gaat om zelfbeschikking. Maar hoe je dat zou kunnen regelen, blijkt een heel complexe vraag te zijn.’

Uw partij heeft niet zelf het initiatief tot een wetsvoorstel genomen. Waarom niet? ‘Omdat ik op die laatste vraag nog onvoldoende antwoord heb. Ik vind de wens om zelf je levenseinde te regisseren zeer legitiem. En ik zou deze mensen heel graag tegemoet willen komen. Maar de vraag is: hoe? Je kunt je afvragen: heeft de overheid hier een taak, valt dit in een wet te gieten? Daar komt bij dat onze euthanasiewet prachtig in elkaar zit en iedere keer opnieuw weer ruimte biedt; zelfs tijdens de recente rechtszaken is hij stevig overeind gebleven. Er is binnen deze wet ook euthanasie toegepast bij mensen met een stapeling van ouderdomsklachten.’ Hoe staat u tegenover het wetsvoorstel van Pia Dijkstra? ‘Het wetsvoorstel is een poging om antwoord te geven op de vraag hoe je tegemoet kunt komen aan de wensen van mensen die níét onder de euthanasiewet vallen. Ik zet niet direct mijn handtekening onder dit voorstel. We zullen het goed bestuderen en beoordelen. Het levenseinde en hulp bij zelfdoding zijn onderwerpen die iedereen raken. Voor een voorstel als dit moet draagvlak zijn. Dat bereik je stapje voor stapje. En nee, dan geeft het niet dat dat jaren duurt. Zo lang duurde het ook voordat de euthanasiewet er kwam. Het belangrijkste vind ik dat het onderwerp hoog op de agenda blijft staan.’ •


Tekst: Els Wiegant • foto: Puck Soeters