ZIJ DIE ACHTERBLIJVEN

Dat begin en einde van het leven in Gods hand liggen, daarmee was Dina als kind opgegroeid. Nooit had ze twijfels gehad over de juistheid van deze gedachte. Altijd was ze in staat geweest te berusten in wat God kennelijk met haar voor had gehad. Zelfs toen haar huwelijk met Gerrit niet het grote gezin voortbracht waar ze beiden zo op hadden gehoopt. Ze had wel gebeden om meer kinderen dan de ene die ze na lang wachten kreeg toen ze al tegen de veertig liep, maar opstandig was Dina nooit geworden. In al die 87 jaren van haar leven niet. Maar er brak een moment aan dat ze het lastig vond om zich neer te leggen bij de almacht van God, vertelde Dirk, haar enige zoon. Met zijn gezin betrok hij het ouderlijk huis toen hij het transportbedrijf van zijn vader overnam. Voor zijn ouders werd er op het terrein een kleine, maar comfortabele bungalow gebouwd. Niet lang geleden werd Gerrit ziek en al spoedig bleek zijn aandoening ongeneeslijk. Dina, die hem thuis verzorgde, kon niet aanzien dat haar man zoveel pijn moest lijden. Ze bad God hem te halen. Wat niet gebeurde. Hardop durfde Dina het woord ‘euthanasie’ niet uit te spreken, maar het drong zich zo nu en dan aan haar op. Ze duwde het weg. Het mocht niet. Punt. Dirk: ‘Op een ochtend kwam de nog niet zo lang geleden benoemde dominee op bezoek. Ik hoorde Dina hem aarzelend, maar toch, haar worsteling voorleggen. Bedachtzaam klonk toen: “De mens is geen heer en meester over zijn leven, maar hij is er wel verantwoordelijk voor. Lijdt de mens ondraaglijk, dan kan hij dat leven teruggeven aan God en daar mag hij de hulp van anderen bij vragen.” En zo geschiedde.’ •

Dat begin en einde van het leven in Gods hand liggen, daarmee was Dina als kind opgegroeid. Nooit had ze twijfels gehad over de juistheid van deze gedachte. Altijd was ze in staat geweest te berusten in wat God kennelijk met haar voor had gehad. Zelfs toen haar huwelijk met Gerrit niet het grote gezin voortbracht waar ze beiden zo op hadden gehoopt. Ze had wel gebeden om meer kinderen dan de ene die ze na lang wachten kreeg toen ze al tegen de veertig liep, maar opstandig was Dina nooit geworden. In al die 87 jaren van haar leven niet. Maar er brak een moment aan dat ze het lastig vond om zich neer te leggen bij de almacht van God, vertelde Dirk, haar enige zoon. Met zijn gezin betrok hij het ouderlijk huis toen hij het transportbedrijf van zijn vader overnam. Voor zijn ouders werd er op het terrein een kleine, maar comfortabele bungalow gebouwd.

Niet lang geleden werd Gerrit ziek en al spoedig bleek zijn aandoening ongeneeslijk. Dina, die hem thuis verzorgde, kon niet aanzien dat haar man zoveel pijn moest lijden. Ze bad God hem te halen. Wat niet gebeurde. Hardop durfde Dina het woord ‘euthanasie’ niet uit te spreken, maar het drong zich zo nu en dan aan haar op. Ze duwde het weg. Het mocht niet. Punt. Dirk: ‘Op een ochtend kwam de nog niet zo lang geleden benoemde dominee op bezoek. Ik hoorde Dina hem aarzelend, maar toch, haar worsteling voorleggen. Bedachtzaam klonk toen: “De mens is geen heer en meester over zijn leven, maar hij is er wel verantwoordelijk voor. Lijdt de mens ondraaglijk, dan kan hij dat leven teruggeven aan God en daar mag hij de hulp van anderen bij vragen.” En zo geschiedde.’

Tekst: Marijke Hilhorst